Cedrus libani 'Glauca'

Atlasceder, blauwe ceder, libanonceder

Een boom die in alle delen op C. libani subsp. atlantica lijkt maar zich onderscheidt door de intens blauwgrijze kleur van de naalden. De stam is eerst nog grijs en glad maar wordt bij oude bomen ruwer. Later in kleine plaatjes loslatend waardoor de roodbruine bast zichtbaar wordt. De vertakking is vrij los maar meer gesloten dan bij C. libani subsp. atlantica. Alle zijtakken zijn iets schuin omhoog groeiend. De twijgen zijn eerst nog grijsgroen tot grijsbruin maar worden in het tweede jaar grijs. De naalden zitten in bundels van 20 - 40 bijeen en zijn 2 - 2,5 cm lang. Vooral aan jonge scheuten zijn de naalden opvallend grijsblauw. In de herfst verschijnen de opstaande kegels. Jonge kegels zijn groen maar kleuren later paarsbruin tot bruin. Deze ceder verlangt veel zon en kan goed tegen luchtvervuiling. Cedrus libani 'Glauca' groeit uit tot een forse boom die als solitair in grote parken kan worden toegepast. De boom wordt nog veel onder zijn oude naam C. atlantica 'Glauca' verhandeld.

Beknopte eigenschappen

Hoogte volgroeide plant: 12,5 - 15 M
Standplaats: zon, halfschaduw
Grondsoort: alle
Vorm: opgaand, kegelvormig

Detailfoto's zijn een momentopname. Afhankelijk van seizoen kan deze er anders uitzien m.b.t. bloei, hoogte, blad, ...

Cedrus libani 'Glauca' , beschikbaar als:

Maat Artikelnr.
C 15-18L 80/100 CEDRLGLC8015_H
C 20-25L 120/140 CEDRLGLC12020_H
C 25L 150/+ CEDRLGLC15025_H
C 35L 175/+ CEDRLGLC17535_H

Aanvullende informatie

Breedte: 7,5 - 10 M
Winterhard: winterhard
Bladkleur: blauw, groen, roze
Geurende bloemen: niet geurend
Vruchtkleur: paars, bruin
Vruchtperiode: oktober, november
Groenblijvend: wintergroen
Snoeiperiode: overbodig